Nierkanker
In Nederland wordt per jaar bij omstreeks 1600 mensen nierkanker vastgesteld, van wie 60% mannen en 40 % vrouwen (VIKC, 2005). Nierkanker kan op alle leeftijden voorkomen, maar vooral tussen de 60 en 75 jaar. Er zijn verschillende vormen van nierkanker. De meest voorkomende niertumor bij volwassenen is het niercelcarcinoom.
Oorzaken
Over de oorzaken van nierkanker is nog weinig bekend. Wel weten we dat sommige mensen een groter risico op nierkanker hebben. Zo is overgewicht een belangrijke risicofactor, evenals roken. Bij 2 % van de mensen met nierkanker is er sprake van een erfelijke aanleg.
Klachten
Een tumor in de nier geeft in het begin zelden klachten. Daardoor is het moeilijk om de ziekte in een vroeg stadium op te sporen. Soms wordt een tumor bij toeval ontdekt. Klachten die bij nierkanker kunnen voorkomen zijn:
- Bloed in de urine
- Langdurige vermoeidheid zonder aanwijsbare redenen
- Pijn de nierstreek (in de zij)
Onderzoek
Vaak is het de huisarts die als eerste een lichamelijk onderzoek bij u uitvoert, samen met bloed- en urineonderzoek. Indien nodig, verwijst deze u door naar de uroloog of internist. De medisch specialist zal het bloed- en urineonderzoek nogmaals herhalen. Daarnaast zijn de volgende aanvullende onderzoeken mogelijk:
- Echografie: een onderzoek met behulp van geluidsgolven
- Biopsie: op basis van de echografie kan besloten worden tot een biopsie. Dit wordt bij een niertumor niet vaak gedaan
- CT-scan (computertomografie): als op de echo een tumor is te zien, zal de arts een CT-scan laten maken om meer informatie te krijgen
- MRI (magnetic resonance imaging): dit onderzoek maakt gebruik van een magneetveld in combinatie met radiogolven en een computer
- Cystoscopie: de meeste niertumoren worden met behulp van een echo of CT-scan gevonden. Als de eerste aanwijzingen niet direct op een niertumor wijzen en er bloed in de urine zit, wordt er meestal een cystoscopie gedaan. Bloed in de urine kan ook wijzen op afwijkingen in de blaas. Een cystoscopie is een kijkonderzoek van de binnenkant van de blaas en de plasbuis.
- IVP(intraveneus pyelogram): dit is een röntgenonderzoek van de urinewegen, waarbij contrastvloeistof wordt gebruikt
En zonodig nog: - Doppler-echografie: met echografie kan een bloedvat rondom de nier zichtbaar worden gemaakt, waarna met de dopplermethode de stroomsnelheid van het bloed in het betreffende bloedvat wordt bepaald. Veranderingen in de stoomsnelheid van het bloed kunnen wijzen op een afwijking in het bloedvat. De afwijking kan veroorzaakt zijn door doorgroei van de tumor in het bloedvat.
- Botscan: een botscan is een onderzoek dat evt. uitzaaiingen in de botten zichtbaar kan maken.
Om te kunnen bepalen welke behandelingen nodig zijn, moet uw specialist weten uit welke soort kankercellen de tumor is ontstaan, hoe kwaadaardig deze zijn en wat het stadium van de ziekte is. Onder stadium wordt verstaan, de mate waarin de ziekte zich in het lichaam heeft uitgebreid. De specialist stelt het stadium vast door te kijken naar:
- De plaats en de grootte van de tumor
- De aanwezigheid van uitzaaiingen in lymfeklieren en/of organen
Chirurgie:
- via een snee in de buik of soms de flank wordt de nier en het omringende vetweefsel verwijderd. Soms worden daarbij ook de bijnier en de omringende lymfeklieren meegenomen
- bij niertumoren die kleiner zijn dan 7 cm, kan soms een niersparende operatie worden overwogen
- een kleine tumor kan worden verwijderd met een kijkoperatie (laparoscopie)
- een enkele uitzaaiing zal ook operatief worden verwijderd
- deze therapie is gericht op het activeren van het afweersysteem tegen kankercellen. Het voornaamste doel is het terugdringen van uitzaaiingen
- dit is een plaatselijke behandeling die gericht is op het vernietigen van kankercellen
Voor verdere informatie over nierkanker verwijzen wij u naar de Veel Gestelde Vragen en de verwijsgids van deze website.
